16 februari 2020

 

Gemeente van Christus,

In de Griekse vertaling van het Eerste Testament heet het boek  “Exodus “. In de Hebreeuwse bijbel heet het boek “ namen “ , naar het eerste woord van het boek.

Deze naam richt onze aandacht op de schrijver van het verhaal met namen omgaat. En dan valt op dat hij de naam van de Farao van Egypte niet noemt. Die naam verzwijgt hij. Een dictator mag geen naam hebben. Dat is precies de nachtmerrie van een Farao. Een Farao wil juist dat zij naam voor eeuwig zal klinken. Daarom bouwt hij reusachtige piramides . Maar de schrijver van het verhaal doet daar niet aan mee.

Daarentegen noemt hij wel de namen van de twee vroedvrouwen aan wie de Farao het bevel gegeven had om de pasgeboren jongetjes in de Nijl te werpen. Zij weigeren te gehoorzamen omdat ze ontzag hebben voor God. En daarom noemt de schrijver ze bij name: Sifra en Pua. Hij noemt ze bij name opdat alle geslachten na hen , ze zouden kunnen roemen. Ze zijn blijvende rolmodellen voor vrouwen en meisjes.

In het verhaal van vanmorgen gaat de schrijver ook op opvallende wijze met namen om. Hij vermijdt het noemen van namen. Hij begint zijn verhaal met de woorden: “ Een man uit de stam van Levi trouwde met een vrouw uit dezelfde stam. “ De namen van Mozes’ ouders worden niet genoemd. Maar ook Mozes’ naam klinkt nog niet : “ Zij werd zwanger en bracht een zoon ter wereld. “ En dit houdt de schrijver consequent vol tot het einde van het verhaal. Hij spreekt over “de zuster van het kind “ , “de dochter van de Farao “ en “ de moeder van het kind. “  Pas aan het einde van het verhaal wordt de naam van het kind onthuld. Dit is het hoogtepunt van het verhaal : “Ze noemde hem Mozes. “  En in het volgende hoofdstuk wanneer Mozes vraagt naar de Naam van God, dan houden we onze adem in. Welke Naam zal ons geopenbaard worden ?

Zoals we in vorige hoofdstuk de twee moedige vrouwen Sifra en Pua ontmoetten zo komen we in het verhaal van vanmorgen weer twee moedige vrouwen tegen : de moeder en de zus van Mozes. Hoe is mogelijk dat met de bijbel in de hand vrouwen klein gehouden werden ? Las men over deze verhalen heen ?

We lezen dat de moeder van Mozes en zijn zus een mand van riet vlechten , deze insmeren met teer en pek, Mozes erin leggen en het rieten mandje te water laten op de plek waar de dochter van de Farao gewend is te baden.

Wat zal er door deze vrouwen heengegaan zijn toen zij het mandje achter lieten in het riet ? Hoeveel moeders hebben in de loop van de geschiedenis, gedwongen door de omstandigheden, hun kind op vergelijkbare wijze hebben moeten achterlaten ?

De moeder en de zus van Mozes horen de dochter van de Farao en haar gezelschap al aankomen. Ze lopen snel weg. Maar de zus van Mozes  kan hem niet zomaar achter laten, ze verstopt zich en kijkt op een afstandje toe wat er zal gebeuren.

De dochter van de Farao hoort het geschrei van een heel klein kindje. Ze loopt op het geluid af. Duwt het riet uiteen en ziet het mandje drijven. Ze neemt het deksel van het mandje af en ziet een klein, onschuldig kindje dat zachtjes huilt.“ Het moet een Hebreeuws kind zijn.“ realiseert ze zich. Ze weet dat haar vader het bevel gegeven heeft om alle Hebreeuwse jongetjes in het water te gooien. Ze ziet het kindje, ze hoort zijn zachte geschrei, haar hart smelt, ze raakt met ontferming over hem bewogen. Ze besluit voor hem te zorgen..

De zus van het kind ziet de zachte en toch vastberaden uitdrukking op het gezicht van de dochter van de Farao. In een flits weet ze wat haar te doen staat. Ze loopt snel naar de dochter van de Farao toe en vraagt: “ Zal ik een Hebreeuwse voedster voor het kind voor u gaan zoeken ? “ vraagt ze. “ Ja, doe maar “ antwoordt de dochter van de Farao. En dan haalt ze natuurlijk haar moeder.

Ik stel me zo voor dat Mozes moeder een eindje verderop met haar hoofd in haar handen hartverscheurend heeft zitten huilen omdat ze haar zoon kwijtgeraakt was. En dan komt haar dochter opeens opgewonden aangerend met de boodschap dat ze haar kind weer mag voeden.

Een prachtig verhaal ! En wat een humor. De dochter van de Farao biedt Mozes’ moeder aan dat zij haar voor het voeden wil betalen.

Wanneer Mozes groot genoeg is en zuigeling af is brengt Mozes’ moeder hem naar de dochter van de Farao. Zij geeft het kind zijn naam : “ Mozes. “  Deze naam betekent “ zoon van  “ . Het is eigenlijk maar een deel van een naam. Egyptische prinsen werden genoemd naar goden. Ramses betekent : zoon van de god Ra. Thut Ammon betekent zoon van Ammon. Uit de naam van Mozes blijkt nog niet van wie hij een zoon zal zijn. Zal hij in zijn volwassen leven een zoon van een Egyptische god blijken te zijn of een zoon van de God van de Hebreeuwen ?

Voor het begrip van het verhaal is het van belang te weten dat het  rieten mandje in de Hebreeuwse grondtekst  met woord “ ark “ aangeduid wordt. Precies hetzelfde woord dat ook gebruikt wordt voor de ark van Noach. Hierdoor wordt er een verband gelegd tussen deze verhalen. Ook wordt er een verband gelegd met het scheppingsverhaal. Van Mozes wordt n.l. expliciet gezegd dat hij “een mooi kind “ was. In het Hebreeuws wordt hij “tov” genoemd. Dit woord klinkt ook zes keer in het scheppingsverhaal : “ En God zag wat hij had gemaakt en Hij zag dat het goed ( tov) was. “

In het scheppingsverhaal wordt duidelijk wat God bedoeling is met de aarde en de mensheid. God schept de mens naar zijn beeld en gelijkenis. Hij maakt de mens  bijna goddelijk. De mens mag als partner van God medeschepper zijn van een wereld die mooi is als de Hof van Eden en meebouwen aan een rechtvaardige wereldsamenleving waarin de zorg voor vreemdeling, weduwe en wees centraal staat.

In het verhaal over Noach blijkt dat er van die bouw van een rechtvaardige wereldsamenleving niets terechtgekomen is. De menselijke inspanningen zijn vastgelopen in strijd om economische macht, politieke macht en militaire macht.

Is Gods plan om samen met de mens te werken aan een wereldwijd rijk van vrede, recht en welvaart voor iedereen, mislukt ?

Gelukkig niet ! God ziet dat Noach rechtvaardig is. God weet, één rechtvaardige kan het verschil maken. Een rechtvaardige is het begin van een nieuwe mensheid. De inspanning van één rechtvaardige kan uiteindelijke een wereldwijd rijk van vrede en recht voortbrengen. Zo wordt Noach uit het chaoswater gered. God begint in hem opnieuw.

In Egypte lijkt het alsof Gods nieuwe begin met Noach op niets uitloopt. Maar zoals Noach uit het chaoswater wordt gered, zo wordt ook Mozes uit het water gered. Mozes die zijn volk voor zal gaan naar het  beloofde land, dat land dat vloeit van melk en honing, dat aardse paradijs, waar recht en gerechtigheid heerst. Het is Gods plan dat het volk Israël daar als licht voor de volkeren aan de mensheid zal leren hoe rechtvaardig samen te leven.

De boodschap die ik in het verhaal lees is het volgende:

Uit het verhaal blijkt dat God niet almachtig is. Hij voorkomt niet dat het volk lijdt onder de slavernij en dat er heel veel jongetjes wel worden gedood. Uit het verhaal blijkt echter ook dat God niet onmachtig is. Hij werkt door mensen. Hij werkt door de moedige vroedvrouwen Sifra en Pua. Hij werkt door de moedige moeder van Mozes en door de slimme zuster van Mozes. Hij werkt door de dochter van Farao die zich over Mozes ontfermt.

God is niet almachtig, zou dat zo zijn dan zou al het lijden en al het kwaad niet plaatsvinden. God is ook niet onmachtig. Hij werkt door mensen. Op machtige wijze is Hij zo werkzaam in de wereld. Door hoeveel mensen werkt hij wel niet in deze wereld ? Voor het journaal zien we dikwijls alleen mensen van kwade wil, waardoor het lijkt alsof zij de overhand hebben. Maar in werkelijkheid overtreft het aantal goede mensen in de wereld het aantal kwade mensen in grote mate.

God is op machtige wijze werkzaam in deze wereld. En zal niet rusten voor zijn droom : de wereld als een paradijs met een liefdevolle mensheid, werkelijkheid geworden zal zijn.

En het is zoals het in een lied zo mooi uitgezongen wordt:

“ Wat zijn liefde wil bewerken, ontzegd Hem zijn vermogen niet.

Amen.

 

 

| in Preek van de week.